De eigenwoningregeling geldt ook voor:
- een woning waarvan u of uw fiscale partner voor de grond het recht van erfpacht of opstal had;
- een woning op basis van een lidmaatschap van een cooperatieve flatvereniging;
- een woonboot of woonwagen met een vaste lig- of standplaats.
Een woning die niet uw hoofdverblijf was, valt in box 3: voordeel uit sparen en beleggen. Het kan echter voorkomen dat u tijdelijk 2 woningen had of tijdelijk niet in uw woning woonde. In bijzondere situaties vallen deze woningen tijdelijk toch onder de eigenwoningregeling. Hierdoor kunt u bijvoorbeeld de hypotheekrente blijven aftrekken. Dit geldt in de volgende situaties:
- U verhuisde naar een andere woning, uw oude woning stond sindsdien leeg en was nog niet verkocht.
- U had een andere woning en u ging er niet direct in wonen en deze woning stond leeg of was nog in aanbouw.
- U verliet uw eigen woning en uw voormalige fiscale partner is in de woning blijven wonen.
- U was opgenomen in een AWBZ-instelling (zoals een verzorgingshuis of een verpleeghuis).
